Instructie
Geef per keer aan welke activiteit, waarde of eigenschap op je van toepassing is of goed bij je past. Indien je geen duidelijke keuze kan maken tussen beide mogelijkheden, geef dan door middel van een van de twee tussenliggende mogelijkheden aan welke het meest op jouw van toepassing is. Maak dus altijd een keuze.