Rekenen oefenen eindtoets basisonderwijs

Met deze oefentoets rekenen voor de citotoets als eindtoets basisonderwijs krijg je een goed beeld van wat je kunt verwachten. Als uitslag krijg je te zien hoeveel vragen je goed had en per vraag wat het goede antwoord is. De test bestaat uit vijftien vragen die je binnen 25 minuten moet kunnen maken.

Instructie oefentoets rekenen

Onderstaande opgaven kunnen je helpen oefenen voor de eindtoets. Lees de vragen goed en klik het antwoord aan dat volgens jou het juiste is.

Bij deze taak mag je geen uitrekenpapier gebruiken.

1.

De familie Geerts gaat op skivakantie in Oostenrijk. Ze hebben een vakantiebudget van € 2250. De busreis kost bij elkaar € 370, het hotel € 1260, de reisverzekering € 70 en de skipassen kosten € 440. Hoeveel houdt de familie Geerts nog over van het vakantiebudget?





2.

Antonio fietst met zijn vader naar zijn Opa in Italië. De afstand is 1800 km. Elke dag fietsen ze 75 km. Hoeveel dagen doen Antonio en zijn vader over de fietstocht naar Italië?





3.

7,7 + 3,07 =





4.


Op de Beatrixschool wordt een sponsorloop gehouden voor een goed doel. Britt wordt door haar ooms en tantes gesponsord. Voor elke hele kilometer die Britt loopt, krijgt zij € 3,-. Sem wordt gesponsord door mensen uit de straat waar hij woont. Voor elke hele kilometer krijgt hij € 5,-. Ali wordt gesponsord door zijn opa en oma. Voor elke hele kilometer krijgt hij € 3,-. Tijdens de sponsorloop lopen Britt, Sem en Ali:

Britt2,1 km
Sem8,2 km
Ali6,9 km

Hoeveel euro hebben deze drie lopers samen voor het goede doel verdiend?





5.

In een groentewinkel staat een grote mand met appels. In totaal weegt de mand 39,78 kilo. Elke appel weegt 0,195 kilo. Hoeveel appels zitten er ongeveer in de mand?





6.

Op de Daltonschool in Tilburg mogen kinderen op een schoolfeest kiezen uit verschillende soorten snoep.


Er zitten 300 leerlingen op de Daltonschool. Hoeveel kinderen kiezen drop?





7.

Autohandel Van Empel verkoopt een auto aan een taxibedrijf voor € 20.000. Deze prijs is zonder btw. Hoeveel euro kost de auto met btw?





8.

Het aantal getelde potvissen in IJsland.


Hoeveel potvissen zijn er in 2004 meer geteld dan in het jaar daarvoor?





Bij de volgende taken mag je uitrekenpapier gebruiken.

9.

Met deze vier cijfers kan Evy verschillende getallen maken. Evy trekt het laagste getal af van het hoogste getal. Welk getal heeft Evy dan gevonden?





10.

Het aantal varkens in Nederland is 13117600. Dit getal wordt afgerond op 100000 varkens nauwkeurig. Welk getal is dat?





11.

Plattegrond van een kamer.

Welk deel van de kamer heeft een houten vloer?





12.

Waar staan de breuken in de volgorde van groot naar klein?





13.

Hoeveel cl water zit er in deze maatbeker?





14.

Bij de postgiroloterij winnen 14 bewoners de straatprijs. Ze verdelen samen 0,9 miljoen euro. Tien bewoners hebben één lot, vier bewoners hebben twee loten. Hoeveel krijgt een bewoner met één lot?





15.

   

Welke pijl geeft op deze getallenlijn de plaats aan van 1 3/4?